|
Is het voedsel in de maag aanbeland, dan gaan de spieren van de maag zich samentrekken om het voedsel verder te verkleinen. Tegelijkertijd wordt er zuur maagsap aan het voedsel toegevoegd om het voor te bereiden op de vertering. Na ongeveer drie uur gaat het mengsel in kleine porties, ook weer via een sluitspier, de portier genoemd, richting de twaalfvingerige darm. Hier wordt het maagzuur geneutraliseerd en worden weer andere spijsverteringssappen aan het voedsel toegevoegd, voor de vertering in de dunne darm. In de dunne darm worden de belangrijke voedingsstoffen die bij de vertering uit het voedsel vrijkomen via de darmwand aan het bloed afgegeven. Het restant, een waterige brij van onverteerbare resten gaat door naar de dikke darm, waar water en zout aan de brij onttrokken worden. Wat overblijft, gaat naar de endeldarm en verlaat uiteindelijk als ontlasting het lichaam via de anus, de sluitspier die de endeldarm afsluit.
|